• Volksmuziek

    1 augustus 2010

    Hoe ouder ik word, hoe meer ik luister naar muziek die je niet elke dag op de radio hoort. Of misschien heb ik dat al m'n hele leven gehad. Natuurlijk, ook ik heb overdag gewoon de radio aan, ik ben tenslotte opgegroeid met Radio Veronica en later Hilversum 3 (radio 3). Op de TV keek ik net als iedere ander kind destijds naar TOP POP. Heerlijke tv was dat. Één keer in de week kon je zien wat je anders alleen op de radio hoorde. Als driejarige blèrde ik al mee met de Beatles; She loves you, jeah, jeah jeah. Brak mijn tong over namen van groepen als: Dave, Dee, Dozy, Bicky, Mick and Tich, met hun legend of Xanadu. En ik kreeg iedere keer weer tranen in mijn achtjarige oogjes als Keith West samen met een kinderkoortje over Grocer Jack zong in zijn legendarische "Excerpt from a teenage opera" . Ik kweelde mee met "Let's go to San Francisco" van de Flowerpot men. Ook Wally Tax , de Motions, the Sandy Coast en The Golden Earings waren helden.

    In mijn pubertijd begon mijn muzieksmaak reeds te veranderen en luisterde ik naast de Top 40, ook naar "rare" muziek zoals Bob Dylan, Roy Orbison en Elvis, en via mijn broer kwam ik in aanraking met andere muziekculturen. Hij speelde in zijn oude 2CV besteleend cassettebandjes af van onder anderen Ry Cooder met zijn Mexicaanse, Hawaiaanse en Texaanse invloeden (de LP Chickenskin Music) en Paul Simon, die op zijn beurt Latijns Amerikaanse en Zuid Amerikaanse invloeden gebruikte. Mijn muzieksmaak was veranderd, al wist ik dat zelf nog niet. Jarenlang kwamen er muzikanten en bands voorbij die mij op zijn minst weinig, of zelfs helemaal niets deden.

    Af en toe kwam er wel weer eens iets leuks voorbij zoals bijvoorbeeld Kid Creole and the Coconuts. Deze band bracht een mix van oude "Betty Boop" achtige Jazz-dance muziek met daarin duidelijk Latijns Amerikaanse invloeden. Een andere held van me, Paul Simon kwam met het Afrikaans beïnvloedde album “Graceland“, waarbij hij hulp kreeg van Afrikaanse coryfeeën als Ladysmith Black Mambazo en The Gaza Sisters. Hij combineerde Afrikaanse muziek met Tex Mex en Zydeco invloeden en leverde daarmee een van mijn meest geliefde LP’s aller tijden af.

    Totdat ik wat ouder werd, en veel te laat grootheden als Flaco Giminez met zijn Tex Mex muziek ontdekte. En Trafassi en Juan Luis Guerra, met hun heerlijk zwoele en tegelijk opzwepende muziek. Ook leerde ik via de klassieke muziek de Italiaanse Belcanto zangers zoals Enrico Caruso en later Luciano Pavarotti kennen. Maar ook de puur Mexicaanse klanken van Maria de Lourdes, of de Portugese hartverscheurende Fado’s van Amalia Rodriquez, maar ook van latere fadozangeressen als Mariza konden mij zeer boeien.

    Ik ontdekte dat ik dus eigenlijk gek was op volksmuziek. En dan geen originele Hoempapa muziek uit Beieren, of de jodelklanken van Olga Lowina, maar originele klanken uit de diverse werelddelen. Ik genoot van de Buena Vista Social Club, de oude knarren die naar voren werden geduwd door Ry Cooder. Ook herontdekte ik de Cajun (uit de buurt van Louisiana) muziek van Clifton Chenier met zijn fabelachtige en superswingende accordeon. Ook genoot ik van de Gypsyklanken van het Rosenberg Trio. Of de aanstekelijke RAI muziek van bijvoorbeeld Cheb Hasni. Vorig jaar nog ontdekte ik bij toeval iets bijzonders: NO Blues. Dit is een “Nederlands/

    Lees meer >> | 1854 keer bekeken

  • Pappa

    1 augustus 2010

    Hoi pappa,

    Hoe is het daarboven? Hebben jij en mamma het goed naar jullie zin daar in jullie eigen zonnige doorzon-hemel-woning? Zo zonder al die lichamelijke kwalen en ziektes die jullie de laatste levensjaren kwelden? Zijn de opa's en oma's ook bij jullie in de buurt? En je zusje en broers? Ik ben eigenlijk best benieuwd naar hoe jullie het daar hebben. Heeft iedereen bijvoorbeeld zijn eigen hemeltje, is het druk daar met al die overgegane zielen of reïncarneren jullie eens in de zoveel tijd om de boel daar een beetje leefbaar te houden.

    Lees meer >> | 1483 keer bekeken

  • Van Afrika tot Uden

    30 juli 2010

    Heeft ooit iemand van u wel eens zijn stamboom na laten pluizen? Ik niet. Maar toen ik gisteren in verband met deze wekelijkse column op zoek was naar een onderwerp kwam ik al surfend over het net bij toeval mijn grootouders van vaderskant tegen. 



    " Cornelia (Keetje) Spee, geboren op zondag 7 januari 1894 in Ouddorp. Keetje is overleden op vrijdag 8 september 1978 in Middelharnis, 84 jaar oud. Zij is begraven op woensdag 13 september 1978 te Stellendam. Keetje trouwde, 26 jaar oud, op zondag 29 februari 1920 in Ouddorp met Hendrik Jacobus (Kobus) de Goede, 28 jaar oud. Kobus is geboren op zaterdag 4 juli 1891 in Zwartsluis, zoon van Lourens de Goede en Hendrikje Appelo. Kobus is overleden op zaterdag 31 maart 1962 in Stellendam, 70 jaar oud. Hij is begraven op woensdag 4 april 1962 te Stellendam."

    Opa en oma de Goede/

    Lees meer >> | 2372 keer bekeken

  • Oma is jarig (kort verhaal)

    27 juli 2010

    Vandaag wordt oma vijfentachtig. Ze woont al een poosje niet meer thuis, maar sinds ze in het bejaardenhuis zit lijkt het redelijk met haar te gaan. Het ging eigenlijk al een tijd niet meer. Als haar kinderen en kleinkinderen wel eens langs kwamen troffen zij de vreemdste dingen aan. Een bos bloemen in de prullenbak. En de rommel keurig geschikt in een vaas op de oude, doorleefde tafel met het door haar zelf gehaakte kleedje. Of ze zat chocoladekoekjes te soppen in de tomatensoep. Eigenlijk wel leuk dus, ze leek er zelf geen last van te hebben en ze maakte er zelf ook nog grapjes over. Tot die dag dat de thuishulp nog maar nét op tijd kwam. Omdat ze het gas aan had laten staan. Oma vond het al zo raar ruiken in huis; naar kattenpis of zo. Maar ze had toch helemaal geen kat? Of wel? Ze wist het niet meer. De familie regelde een plaatsing in het regionale bejaardenhuis en nu zit ze daar dus. Te zitten.

    Hoi Oma! Hartstikke gefeliciteerd, dat we u nog maar lang in ons midden mogen houden!
    Dank je wel! Ze klinkt somber. Haar kleinzoon geeft haar een hand en een voorzichtige kus. Wat zijn haar vingers dun geworden. Zou ze wel genoeg eten in dat bejaardenhuis? Ze heeft het warm. Het is ook veel te warm de laatste tijd. Daar kunnen oude mensen zoals zij niet tegen. Ze zweet in haar vrolijk gebloemde nylon omajurk. De druppels vallen van haar neus in het koffiekopje. Oma! Kijk eens wat ik voor u meegebracht heb? Alstublieft, een kado! Zal ik even helpen met het uitpakken? Pff, wat is het heet! Hebben ze hier geen airconditioning? Da's toch belachelijk oma! Ze beknibbelen tegenwoordig ook overal op! Ze maakt het kado open. Het is een ventilator. Oma doet net alsof ze er blij mee is. Zo'n domme jongen, snapt hij nu werkelijk niet dat ze van die dingen altijd een stijve nek krijgt? Dank je wel lieverd! Wat attent, daar ben ik blij mee mompelt ze.

    Oma smult van haar gebakje, al is de slagroom door de warmte een beetje uitgelopen. Ze geniet van alle aandacht en zuigt het op. Morgen zijn ze er niet meer. Dan zit ze weer alleen. Eenzaam. Ze snapt het wel. Iedereen heeft het druk tegenwoordig. Ze hebben allemaal hun eigen gezinnetje, hun eigen sores. Maar toch? Ze zouden best wel eens vaker langs mogen komen. Of wat meer opbellen, hoewel ze daar eigenlijk een hekel aan heeft. Nee! Zo mag ze niet denken. Ze moet zelf dankbaar zijn dat ze er nu allemaal zijn. Nou ja, allemaal. Die twee jongens van Margje zijn er niet bij, die zijn bij hun vriendinnetjes. Ja, en die kleine van Piet die is er ook niet. Waar is die kleine van jou eigenlijk Piet? Piet lacht. Ha ha mamma. Die kleine Suzan is toch al drieëntwintig en zit toch in Brazilië! Dat weet u toch? Voor haar afstudeerproject is ze een half jaar aan het werk in dat weeshuis in die sloppenwijk. Ze is toch nog gedag komen zeggen vorige maand? Oh ja. Nu weet ze het weer. Lieve kleine Suzan. Naar haar vernoemd. Haar oogappeltje. Afwezig staart ze naar de muur en denkt aan kleine Suzan die vroeger ieder weekend bij haar kwam logeren sinds opa overleden was. Mijn goede man. Wat was ie lief; met zijn witte, tot op het einde wilde haren! Maar op het laatst kon hij soms zomaar boos zijn, onredelijk. Nou, nou. Het was me er eentje! Maar oma wil niet zo worden. Oma wil lief gevonden worden. Lief blijven, lief zijn!

    Oma! Wilt u een kopje soep? Lekker Jaap! Oma, ik ben Jaap toch niet? Ik ben Kees! Kent u me niet meer? Ja wel! Oma grapt: "mag oma zich niet eens een keertje vergissen op haar verjaardag?" Het is ook zo druk. Té druk. Ze is moe. Ze wil naar haar kamer. Ze wil naar bed. Ze is doodmoe. Ze wil eigenlijk niets meer. Ze wil eigenlijk liever dood zijn. Bij haar man zijn. Maar haar kinderen hebben haar nog nodig zeggen ze. Ze willen haar nog lang niet kwijt zeggen ze. Maar stiekem heeft ze eigenlijk genoeg van haar leven. Ze heeft het goed gehad; niet rijk, maar gelukkig tot redelijk gelukkig. Tot voor kort dan. Nu ze in dit tehuis zit, ver weg van haar huis, de buren, haar overgebleven vrienden. Of dat leuke vrouwtje van een paar huizen verderop die haar zo nu een dan een bloemetje of pannetje soep kwam brengen. Ze mist haar tuintje, haar vertrouwde spulletjes. De kleine dingen die ze nog in haar eigen huisje op kon ruimen. Maar nu? Nu zit ze in die gevangenis; het “be-jaar-den-te-huis!“. Bah! Ze kwijnt er weg. Vindt geen aansluiting meer. Is eenzaam. Eigenlijk is oma al dood. Ze moet alleen nog sterven. Maar nu moet ze helder zijn. Fris, lief en vrolijk. Meedoen met de meute en een goede indruk achterlaten. Morgen gaat ze. Tijdens het middagslaapje. Niemand zal iets merken, ze is tenslotte toch al oud. Ze zullen zeggen: “gelukkig heeft ze haar verjaardag nog meegemaakt”. De pillen liggen al klaar. Onder de foto’s van de kinderen en kleinkinderen in het oude sigarenkistje van opa. Drie maanden slaappillen opgespaard. Ze is niet dement; alleen zo nu en dan wat vergeetachtig. En moe, erg moe.

     

    Lees meer >> | 4947 keer bekeken

  • Bananenkoninkrijkje Nederland

    13 juli 2010

     Wat een schitterende zomer hebben we wederom! En dit is niet voor het eerst, vorig jaar was het idem dito! Eigenlijk hoeft er dit jaar dan dus helemaal niemand naar het buitenland voor een warme zonvakantie. Hier hebben we tenslotte alles . . . Van de zon, zee en het strand aan onze schitterende kust, tot de bossen en meren in het hele land, en onze bergen in het mooie Limburgse land. Nog even en alle zonvakantieminnende vakantiegangers uit alle werelddelen komen hier in ons eigen kleine banannenkoninkrijkje hun vrije dagen doorbrengen! Ik ruik werkgelegenheid voor velen! Dan heeft de klimaatsverandering door de opwarming der aarde voor ons tóch een voordeel!

    Ik denk dat ik dan maar een camping ga beginnen. Gewoon hier in Brabant! Ja, ik zie het al helemaal voor me; overdag heerlijk op m'n schommelstoeltje op de veranda voor de receptie, een beetje voor me uit staren in het zonnetje, en dan zo nu en dan in gebroken Engels een praatje maken met de buitenlandse campinggasten. Dan wil ik natuurlijk wél ook een omroepinstallatie om het personeel op te roepen als er weer een gast gearriveerd is die naar zijn of haar plekje gebracht moet worden. En dan ook zo’n oud, roestig en dus pittoresk brommertje om zo nu en dan pruttelend over de camping te rijden om te zien of alles niet al te netjes en in orde is. Als er dan klachten zijn stuur ik er mijn Poolse klusjesman op af, die op zijn beurt natuurlijk niet begrijpt wat de campinggast bedoelt en daarmee dan weer precies voldoet aan het juiste camping-vakantie gevoel!

    De douche en toiletgebouwen laat ik dan expres een beetje verwaarlozen, en ik sla er hier en daar een tegeltje kapot omdat er in een echt en authentiek vakantieparadijsje natuurlijk niets perfect mag zijn. Ook zal ik mijn uiterlijk aan moeten passen. Ik mag dan eindelijk legaal dat lekker gezellige bierbuikje laten groeien, koop bij C&A een paar aftandse tweedehands lijkende korte broeken en dito overhemden. Stop mijn voeten in een paar afgetrapte Jezus-sandalen en draai mijn onverzorgde grijze haar in een staartje. Mijn ongeschoren wangen en verfomfaaide strohoedje maken dan het plaatje compleet!

    ‘S avonds ben ik dan de gastheer in het restaurant. Dat houd dan dus in dat ik, terwijl mijn vrouw en kinderen zich in het zweet werken in de keuken, vrolijk en onverstaanbaar keuvelend de gasten onderhoud en aan elke tafel een heerlijk glas (veel te dure) wijn met ze meedrink. Ondertussen spoor ik het sterk onderbezette én onderbetaalde, niets begrijpende bedienend personeel aan tot harder werken. (Sorry heer Wilders, maar buitenlanders zijn tóch goedkoper dan autochtone medelanders, én het gebrekkig taalgebruik werkt mee aan het vakantiegevoel!!!) Rond een uur of elf trek ik me dan in onze privévertrekken terug, en laat het personeel de boel mooi opruimen en afsluiten. Als nachtwaker stel ik een oude tandenloze alcoholist aan, die dan vanzelfsprekend bij nachtelijke calamiteiten niet wakker te krijgen is. Het grote voordeel daar van is, dat alle problemen reeds in de kiem gesmoord worden omdat met zich drukker maakt om de slechte service dan om het eigenlijke probleem waarvoor men in de eerste instantie naar de receptie gekomen was.

    Oh ja, we moeten natuurlijk ook nog een kinder- en bejaardenanimatie team hebben. Ach, ik zoek wel een paar mooie, jonge Russische stagiaires en laat die wel een beetje met de kleintjes in het zwembad spelen en zingen. Onze oudste zoon kan dan ‘s morgens vroeg mooi gaan Aquajoggen met de oudere dames. Ook zullen we aan een mini-campingwinkel moeten, die pas ‘s middags na vieren opengaat, zodat onze jongste, die nog op de lagere school zit, deze kan gaan runnen. Dan kunnen we daar mooi al onze etenswaren die net wel of net niet over de datum zijn verkopen. Het speelgoed en de strand attributen kopen we bij ACTION in en verkopen alles lekker met vette winst aan de niet-beter-wetende buitenlandse toeristen. Enkele weken per jaar geeft mijn echtgenote dan kookworkshops met locale specialiteiten zoals boerenmoes met houwkes en varkenspootjes, gegarneerd met schijfjes kopkaas en overgoten met reuzel. En ik geef, als ik daar zin in heb, én er genoeg vraag naar is, voor de liefhebbers wat schilder, klei en/

    Lees meer >> | 1427 keer bekeken

  • ROME

    5 april 2010

    Hoe prachtig is het te lopen waar eens Gladiatoren streden.



    Waar Keizers en senatoren orerend schreden. Waar de kiem van onze beschaving ligt. Het is indrukwekkend te zien dat men destijds zonder hijskranen en bulldozers enorme bouwwerken kon maken. De restanten van gigantische kunstschatten die open en bloot in het veld van het Forum Romanum liggen laten je mond openvallen van verbazing. Wat een Godsgeschenk dat ik dit dan nu eens in het echt mag aanschouwen. Wat hebben we hier in Europa toch een rijke cultuur en architectuurgeschiedenis. Nu pas snap ik waarom de Amerikanen jaloers zijn op ons erfgoed.

    U raadt het reeds; we zijn in Rome geweest. Wij, als echte Italië liefhebbers waren er nog niet eerder geweest. En dat was blijkt nu, een enorm gemis. Eigenlijk zou iedereen verplicht een studiereis naar Rome moeten maken, opdat men dan pas beseft waar onze voorouders toe in staat waren. Natuurlijk zijn wij hier in Nederland niet allemaal afstammelingen van de Romeinen, maar waarschijnlijk hebben we allemaal wel een beetje Romeins bloed in onze aderen. Net zoals Duits, Frans en Spaans bloed. We zijn tenslotte een immigratieland. Door de eeuwen heen hebben diverse volkeren ons land willen veroveren omdat het zo mooi aan zee ligt. Of omdat onze handelsgeest zo groot was. Omdat wij, als Hollanders creatief, innovatief en slim waren. Omdat onze mannen zo sterk waren en daardoor goed in de overheersende legers zouden kunnen vechten, en men graag onze rijkdommen wilde delen of stelen. Al die veroveraars hebben natuurlijk niet alleen ellende achtergelaten, maar ook hun kunst, kennis, cultuur en natuurlijk hun zaad. Op veel plaatsen in ons land vind men nog steeds resten van hun overheersing. Nijmegen bijvoorbeeld; de oudste stad van Nederland, is gesticht door de Romeinen.

    Maar goed. We zijn dus in Rome geweest. We hebben boven op de Sint Pieter gestaan en daar heel het prachtige, decadente Rome kunnen overzien. Ik begreep hoe Nero zich gevoeld moet hebben voordat hij zijn geliefde stad in brand stak. De gek! Grote heersers zoals hij hadden vroeger bijna allemaal een krankzinnige kant. Misschien hebben de tegenwoordige grote leiders dit ook nog wel, maar door bescherming van mensen om hen heen én alle media moeten ze zichzelf in toom houden. Gelukkig maar! Vroeger was men als keizer of koning een alleenheerser en dus almachtig. Men werd aanbeden als een God. Dan is het dus goed beschouwd niet zo vreemd dat die mannen destijds dachten dat ze alles konden maken én breken.

    In de Sint Pieter hebben we van alle schitterende kunstwerken en marmeren mozaïeken mogen genieten. We hebben muntjes in de Trevi fontein gegooid, twee stuks; één om een wens bij te doen en één om te zorgen dat we ooit in Rome terug mogen keren. We hebben gelachen om, en genoten ván alle Chinese of Japanse toeristen om ons heen. Als zij zichzelf, gewapend met een fototoestel voorzien van statief en zelfontspanner fotografeerden, ging ik achter ze staan, onderwijl een gek gezicht trekkend. We hebben geslenterd door de oude straten, heerlijk geshopt rondom de Spaanse trappen en genoten van de cappucino, espresso, Campari en de Italiaanse keuken. Het grote voordeel van de Romeinse keuken is namelijk dat die niet bestaat. Het is een samenraapsel van alle Italiaanse specialiteiten uit alle streken en provincies. Een hemel op aarde dus! Bij Jupiter!

    Natuurlijk konden we in de drie dagen dat we daar waren niet alles zien. Er is zo enorm veel te zien, dat je daar waarschijnlijk maanden, zoniet jaren voor nodig hebt. Dus naast de meest beroemde bouwwerken hebben we alleen de Santa Maria Maggiore kerk nog bezocht. Dit is de op de Sint Pieter na, de grootste kerk van Rome. Het is een schitterend geconserveerde kerk, vol kunstschatten en nog steeds in gebruik voor erediensten. Terwijl wij ons vergaapten aan alle pracht en praal, was een priester in een opvallend fel paars gewaad bezig met zijn gebedsdienst. Het allermooiste vond ik een plekje midden in de kerk. Het was de graftombe van kardinaal Cosalvo Rodrigez. Een prachtige kelder, rijk gedecoreerd met antiek marmer, met daar in een enorm beeld met de afbeelding van de kardinaal, geknield voor een tabernakel, een soort Heilige graal. Misschien is dit wel indrukwekkender dan de hele Sint Pieter bij elkaar. Bezoeken dus als je ooit in Rome bent!

    Volgende keer staan allerlei andere bezienswaardigheden zoals het Vaticaan met daarin onder andere de Sixtijnse kapel op het programma. We hadden onze kinderen bij ons, dus nog meer cultuur konden we hen niet aandoen. Maar dat we hier met z’n allen zullen wederkeren, daar ben ik zeker van!

    Arriverderci Roma, Fino al più presto! Ciao!


     

    Lees meer >> | 1925 keer bekeken

  • Stylisten en ander modegespuis.

    5 april 2010

     De lente komt er weer aan, en jawel hoor, de nationale modestylisten komen ook weer tevoorschijn! .

    Dianne Beekman met haar afschuwelijke zilverkleurige drollenvangers. De kale Barbieverzamelaar Mike de Boer met zijn extravagante bloesjes met roesjes en tule. En die nieuwe, hoe heet hij ook al weer? Oh ja, eh Bastiaan Hupeldepup of zo. Zo'n dubbeldikke Oudromeinse Nero look-a-like met poedelkrulletjes, die op iedereen wat aan te merken heeft, behalve op zichzelf. Onze oudste keek het afgelopen seizoen namelijk graag naar Hollands Next Topmodel, en af en toe hoorde ik dit personage dingen uitkramen waarvan ik dacht; moet dat nu?
     

    Lees meer >> | 1718 keer bekeken

  • Toffees en contactlenzen.

    5 april 2010

     De kinderen worden groot.

    Van de week is onze oudste contactlenzen wezen passen. Ze kon in de klas niet meer goed zien wat er op het schoolbord geschreven werd. Een nieuwe bril kon natuurlijk niet meer. Ja, duhu, dat is toch geen gezicht meer pappa, en zo lastig! Ze was in ieder geval ontzettend blij dat ze nu dan eindelijk aan de contactlenzen mocht. Wij togen dus afgelopen zaterdagmiddag naar de plaatselijke, vertrouwde brillenwinkel om haar ogen op te laten meten. Die waren minder scherp geworden, dus wij daarna direkt maar een afspraak gemaakt voor het aanmeten. Donderdag mocht onze oudste plaatsnemen op een oogmeet troon in een ruimte die wel iets weg had van een behandelkamer van een arts. Ze was daardoor toch wel enigszins nerveus en giechelig, kletste de oren van mijn hoofd en lachte om alles. Eerst moest er van ieder oog een infra-rood-foto gemaakt worden met een apparaat dat meer weg had van een hypnose apparaat dan van een fotocamera. Op deze foto's konden we zien hoe de oogoppervlakte was, en of de oogbolling sterk was of juist niet. Ook konden ze op deze foto zien hoeveel traanvocht elk oog produceert. Hierna werden nog normale foto's gemaakt voor verdere controle. De opticien, een vlotte jonge man die het leuk deed (hij vertelde onze oudste bijvoorbeeld dat ze mooie ogen had), vertelde geduldig over de verschillen in harde en zachte lenzen. En daarna weer over de verschillen in de diverse zachte lenzen. Naast de standaard zachte lenzen blijken er dus nog speciale varianten voor bijvoorbeeld erg droge ogen te zijn. De moderne techniek is niet te stoppen! Er werd gekozen voor een paar lenzen van het allernieuwste soort. Zo nieuw, dat ze zelfs nog niet in de computer stonden! Gisteren mocht ze een uur lang onder begeleiding van de opticien leren met deze oogdopjes om te gaan.



    Zelden heb ik zo gelachen als afgelopen zondagavond. We waren gezellig aan het natafelen met een kopje koffie, likeurtje en chocolaatjes en toffees. Op de vraag of mijn schoonmoeder ook een toffee wil, antwoordt ze: nee dank je, dat kan ik niet meer eten sinds ik valse tanden heb; dan heb ik strakjes m'n tanden los in mijn mond! Des te meer heb ik riep onze middelste lachend, en beet in zo’n gigantisch taaie Eclair. Enige tellen later legt hij breed lachend zijn uitgekauwde toffee op tafel. Met in het vieze bruine hoopje een kies, en daarnaast ligt nog een kies. In een klap twee stuks eruit dus, Pats, Boem, met de Eclairs van de Aldi! Ik zal het eens aan onze tandarts vertellen, wellicht is dit een nieuwe, pijnloze manier van kiezentrekken. Lachgas heb je dan ook niet nodig. Iedereen gaat bij de aanblik van een kies in een toffee vanzelf wel lachen!

    Wat was het de afgelopen week trouwens schitterend weer. De lente was volop losgebarsten en de lammetjes dartelden als bij toverslag van de ene op de andere dag in de wei. De zon deed merkbaar z’n best om de schade van de afgelopen koude en lange winter in te halen, want hier in de omgeving werd al 21 graden gemeten! En dat in maart! Snel naar de winkel gerept, en schepjes, knikkers en stoepkrijt ingeslagen, dan hebben onze kinderen geen enkel excuus meer om binnen te blijven. Naar buiten jullie! Het mooiste seizoen van het jaar is tenslotte weer aangebroken. Nog even en de knoppen van de planten en bomen komen weer uit en verschijnen er overal weer groene blaadjes en vrolijke bloemen. Eindelijk weer lente! Ik mocht weer een paar workshops doen op een lagere school en heb dus weer eens mogen genieten van alle ijver en aandacht van de kinderen voor het nobele schildersvak. Onvoorstelbaar hoe kinderen, als je ze verf en een doekje geeft, kunnen veranderen van vrolijk stuiterende apen in serieus geïnteresseerde werkende mensjes.

    De week ging weer veel te snel..........De tijd vliegt als je plezier hebt; voor je het weet is het weer kerst. Straks gaat de jongste proefzwemmen voor zijn B diploma. Wordt er volgende week weer een tijdperk afgesloten. Ze worden groot!
     

    Lees meer >> | 1469 keer bekeken

  • Saskia en Jeroen versus Jip en Janneke deel één

    15 februari 2010

    Janneke kon het niet geloven. Hier zat ze dan, alleen op de bank die ze samen met zoveel zorg hadden uitgekozen bij dat vrolijke en kleurrijke schilderij van Gert de Goede. Die verrekte dure rottige designbank, die eigenlijk voor geen meter zat! Ze had teveel gedronken en klotste per ongeluk een scheut rode wijn over de leuning en op het mooie winterwitte wollen tapijt. Wat kon het haar ook schelen. Als hij, die Pietje precies, er toch niet meer op was, dan maakte die vlek ook niet meer uit! Niets kon haar nog schelen!

    Sinds Jip er met die dellerige, maar goedgesitueerde Saskia Ter Haar in haar oude MG vandoor was gegaan, was haar droom, om samen oud en gelukkig te worden uiteengespat. Het huisje, boompje, beestje gevoel, de kindertjes waar ze naar verlangde, het gezinnetje dat ze wilden stichten, alles was voorbij. Voltooid verleden tijd zoals dat zo mooi gezegd wordt in liedjes. Ach, misschien was het ook maar beter zo. Ze waren al zo lang samen geweest. Te lang eigenlijk.

    Zolang ze zich kon herinneren waren ze al bij elkaar geweest, eerst als buurkindertjes, waarbij ze maar even door de heg hoefden te kruipen om bij elkaar te zijn. Later, toen ze ontdekt hadden dat doktertje spelen wel heel erg leuk was, en daarbij betrapt waren, had haar vader een stevige houten schutting geplaatst. Maar gelukkig had Jip zo'n handige noodladder op zijn kamertje om bij brand het huis te kunnen ontvluchten. En branden dat deden ze destijds! Branden van liefde en verlangen naar elkaar! Vol hartstocht bezochten ze elkaar 's nachts stiekem en later gingen ze, als vanzelfsprekend samen op kamers.

     

    Jip ging theologie studeren en Janneke werd, om in hun levensonderhoud te voorzien bibliothecaresse. Ze herinnert zich nog dat ze destijds eigenlijk altijd plezier hadden met elkaar, maar dat Jip toen zo nu en dan wel eens een ander vriendinnetje had. Je weet wel, zo'n floddertje tussendoor. Hij moest tenslotte af en toe ook wel eens iemand anders uitproberen. Janneke was niet jaloers hoor. Nooit geweest eigenlijk. Als Jip weer eens met de een of andere Fiep of Miep aan het rollebollen was verdiepte ze zich gewoon in haar boeken. Het was toch altijd maar voor even en je moet die jongens op die leeftijd ook niet te strak willen houden. En ze zo nu en dan een beetje ruimte geven. Maar nu was hij dus definitief weg. En Janneke zat alleen. Ze bedronk zich. Waarom? Ze voelde zich eenzaam. Wat moest ze? Heel haar leven had in het teken van Jip gestaan. Het was altijd Jip voor en Jip na geweest. Jip en Janneke! Nooit had ze een andere man gehad. Eigenlijk was ze nog een halve maagd, want alleen Jip had haar beroerd en bereden. Ze voelde zich net een afgedankt paard. Bah! De egoïst! Hij was wel jaloers! Als Janneke per ongeluk iets te lang stond te kletsen met een andere man dan werd hij al boos. Misschien was het daarom wel fout gegaan tussen die twee. Ze wist het niet. Ze wist niets meer. En viel op de bank in slaap.

     

    De volgende morgen werd ze tegen het middaguur met een barstende hoofdpijn wakker. De wijnvlek op het witte kleed was nog groter geworden en er lagen restanten chocolade en een kapot gevallen glas naast. Ze kroop op haar knieën naar de badkamer, leegde luidruchtig haar overvolle blaas en douchte zich lang. Ze liet het helende hete water over zich heen stromen en voelde langzaam maar zeker haar hersenen weer in vorm komen. Ze liet de shampoo vallen en toen ze zich bukte om deze op te rapen stootte ze haar hoofd tegen de glazen douchewand. Au! Ze herinnerde zich weer wat er gistermorgen gebeurd was. Jip was weg. Definitief! Het sprookje was voorbij, het boek was uit.

     

    Er werd aangebeld. Janneke wurmde haar nog natte lichaam in een badjas, liep de hal in en keek door het kijkgaatje in de deur. Niets! Niemand? Hoe kon dat nu? Ze liep terug naar de badkamer, maar voor ze die bereikt had werd er al weer aangebeld. Hè, wat vervelend nu! Zeker een stelletje van die rotjongens die belletje aan het trekken waren. Ze negeerde het en begon haar haren te borstelen. Maar weer werd er aangebeld. Ze liep naar de deur en keek weer door het kijkgaatje. Weer niets! Ze deed de veiligheidsketting om de haak aan de deur en opende deze voorzichtig. Er lag een enorme bos rozen op de mat voor de deur! Rode! Wie kon dat op zijn of haar geweten hebben. Jip misschien? Ze deed de deur open en raapte het boeket op. Ze keek voorzichtig om zich heen. Zo te zien was er niemand op straat . Janneke sloot de deur en begaf zich naar de keuken waar ze de rozen in een vaas wilde zetten. Op het moment dat ze de keuken in wil stappen schrikt ze zich rot. Er staat een wildvreemde, maar zeer aantrekkelijke man bij het aanrecht. Hij roert in een pan erwtensoep. Het ruikt erg lekker. Janneke denkt na. Wie bent u? En wat doet u in mijn keuken?

     

    Sorry! Ik wilde je niet laten schrikken, maar de achterdeur stond open. Ik ben Jeroen Ter Haar en ik dacht, laat ik je eens verrassen met een heerlijke pan erwtensoep. Ik meen me te herinneren dat jij daar nogal gek op bent! Sinds die zus van mij, Saskia, me onlangs eindelijk verlaten heeft om een eigen leven te gaan leiden, ben ik uit verveling weer eens wat gaan lezen en heb me onder anderen in jouw en Jip’s jeugd verdiept. We hebben tenslotte nogal wat overeenkomsten en waren vroeger even beroemd! Jip en Janneke versus Saskia en Jeroen! Maar je hebt de rozen al gevonden zie ik! Mooi! Jeroen liep op Janneke af en gaf haar drie stevige zoenen op haar wangen. Leuk je eindelijk eens in levenden lijve te zien! Je bent stukken mooier dan je afgebeeld stond in die boeken vroeger! Lust je een kopje soep? Janneke stond met haar mond vol tanden. Haar badjas was enigszins opengevallen en liet haar heerlijke figuur in volle glorie zien. Jeroen keek er vol bewondering naar. Ik snap niet dat die Jip er met dat monster van een zus van mij vandoor is gegaan. Jij bent stukken mooier! Ik val sowieso wel op zwarte vrouwen. Janneke krijgt een déja vue ( In de keuken. Daar staat een hele grote pan. Een heeeeele grote pan. En daarin zit soep. Het ruikt wel erg lekker. En Jip mag even helpen roeren. Pas op hoor, zegt moeder, Val er niet in Jip! Stel je voor zegt Janneke. Val er niet in, Jip. Dan ben je helemaal groen. En dan moeten wij jou aflikken. Maar Jip valt er niet in. Hij roert. Met een houten lepel ) “Soep of sex?” Vraagt Jeroen. Doe eerst die sex maar, de soep kan later wel zegt Janneke en ze werpt zich op Jeroen.

     

     

     

    Lees meer >> | 2237 keer bekeken

  • Autotest.

    1 februari 2010

    De enigszins gedateerde en dus enorm vervuilende, maar volgens velen, nog immer mooie Volvo 245 Estate is de afgelopen jaren uitgegroeid tot een rijdend icoon van kunstenaars, schrijvers en andere artistiekelingen. Er is iets wat het rijden met een Volvo 245 aantrekkelijk maakt: een gevoel van tevredenheid, onafhankelijkheid. De redelijk hoge zit, de kolossale omvang en de vrij zware motor geven de, meestal niet zo erg gefortuneerde bezitter van deze auto ondanks zijn regelmatig terugkerende geldgebrek, tóch het gevoel de koning van de weg te zijn. Ondanks dat de bestuurder er zo nu en dan van droomt in een mooie glanzende en nieuwe auto te rijden, voelt hij zich toch wel prettig in dit rijdende, maar nog steeds roestvrije museumstuk.

     

    Dit vierkante automobiel is ooit ontworpen als pure en veilige gezinsauto en is daarom berekend op de zwaarste omstandigheden. De zetels zijn, na al die jaren, ook al is het schuimrubber enigszins verpulverd, nog goed te hebben, en het zicht rondom is werkelijk uitstekend te noemen, dit in tegenstelling tot veel modernere auto’s. De binnenruimte is overweldigend en alles is meer dan ruim opgezet. Je vervoert er zonder enige moeite je echtgenote, drie bloedjes van kinderen én een koelkast, wasmachine of schoonmoeder mee, en een tweezitsbank is op zich ook geen probleem. En als je de allesdragers op het dak plaatst, kun je ook nog zonder probleem een eenpersoonsbed én eettafel met vijf stoelen meenemen! Het dashboard is duidelijk en overzichtelijk en er zit geen knopje teveel op. De radio/cd-speler zit, vanwege de plaatsing net achter de versnellingspook, op een niet altijd even goed bereikbare plek, maar in zijn vijf is hij redelijk bedienbaar. Dit alles draagt er allemaal aan bij dat een rit met een Volvo 245 op de eerste plaats vooral een avontuur is. De hoofdsteunen zijn in de praktijk niet meer dan een paar keiharde neksteunen, maar komen door hun open karakter het zicht rondom zeer ten goede. En God zij dank zijn de raampjes gewoon handmatig te bedienen en is het stuurwiel niet verstelbaar, dat geeft op deze leeftijd alleen maar gerammel. De af en toe opflikkerende, of juist niet brandende lampjes geven deze auto alleen maar meer charme. Een klein nadeel is wel, dat het verklikkerlampje van de autogordel het nu, na zo'n 19 jaar, nog steeds uitmuntend doet.

     

    Rijden met een dergelijke degelijke Volvo 245 blijft een bijzondere ervaring. In tegenstelling tot veel andere auto's is de Volvo een pure auto en alleen daar voor gebouwd.

     

    Door de enorme omvang is de 245 ook enigszins gevoelig voor zijwind, en de auto is zwaar. Bi

    Lees meer >> | 2110 keer bekeken

  • Meer blogs >>