• Verval komt na de zonde!

    2 juli 2012

     

    Hollebolle ogen met daar omheen donkere kringen én wallen als kasteelmuren kijken mij aan. De spiegel liegt niet. Na drieënvijftig en een half jaar op deze planeet heeft de aftakeling zijn intrede gedaan. En hoe! De slapper wordende wangen zijn reeds enigszins naast mijn kin aan het zakken. Mijn mondhoeken lijken daardoor meer en meer chagrijnig naar beneden te gaan zakken. Dit in tegenstelling tot de vrolijke lachrimpeltjes welke sinds enige tijd permanent aanwezig lijken te zijn. De lange, donkere lokken waar ik altijd zo trots op was beginnen bij de slapen steeds meer te vergrijzen en mijn bakkebaarden verliezen ook al alle kleur. Ik ben in de herfst van mijn leven aanbeland. En het is nog rotweer ook. Er zijn mensen om minder depressief geworden. Doch ik heb nog geen kipfiletbovenarmen. Dat dan weer niet.
     
    In winkels zeggen ze tegenwoordig U tegen me. Hartstikke netjes natuurlijk, maar hierdoor voel ik me wél steeds ouder worden. Mijn gevecht tegen het buikje wordt steeds moeilijker. En tevens lijk ik in de schouders breder te worden. Ik voel het aan mijn shirts die van boven steeds krapper lijken te worden. En het rare is dat ik al jaren op het zelfde gewicht blijf. Vreemd toch? Tóch ik ga niet stiekem naar de sportschool. Ben je helemaal? Ik ben toch geen penopauzepuber? Het zou uiteraard kunnen dat de weegschaal kapot is. Of dat de wasmachine heter wast dan dat ik hem ingesteld heb. Ik weet echter wel beter. Het is het verval. Het verval na de zonde. Het gevolg van mijn Bourgondische leven. Of gewoon de ouderdom. Zou het dan nu écht tijd voor een abonnement op PLUS magazine worden? Het is tenslotte best een interessant magazine. Nu krijg ik het blad elke keer van mijn schoonmoeder als zij het uit heeft. Zeg nu zelf: zo een magazine kun je op mijn leeftijd toch nog niet zelf gaan kopen? Dan kan ik net zo goed meteen lid van omroep Max worden. En bestel ik tussen neus en lippen door meteen maar even die rollator. Je weet maar nooit wanneer je een dergelijk ding nodig hebt tenslotte. Voor hetzelfde geld heb ik dat kolereding morgen nodig. Staat ie mooi alvast klaar in de gang. 
     
    Een leesbril heb ik óók al jaren. Daar ben ik dus onderhand wel aan gewend. Ik heb echter steeds vaker een bril voor veraf nodig. Voor ertussenin echter heb ik vreemd genoeg nog steeds geen lenzen nodig, zodat ik nu de Godganse dag zit te hannesen met mijn twee brillen. Ik heb een tijdje een “dubbel-fuck-us-bril” gehad, maar dat werkte niet. Dus wissel ik voorlopig de diverse monturen maar af. Op, af. Op, af. Op en af. Er is echter één voordeel: ik ben niet de enige die ouder wordt. Mijn oude groenblauwe Volvo 245 wordt het ook. Hij slijt trouw met mij mee. Zijn sloten werken sinds enige tijd niet meer en het klokje heeft het ook allang opgegeven. Mijn stoel zitting is scheefgegroeid en de hoofdsteun hangt er slapjes bij. Mijn stoere Volvo is, net als ik, langzaam aan het vergaan. Maar hem kan ik inruilen. Oh ja: ik kan ook ingeruild worden. Shit: niet tegen mijn vrouw vertellen graag!
     
    Virtueel ben ik echter nog steeds een jonge God. Gelukkig wel. Op het internet tel ik nog steeds mee. En mijn uiterlijk? Ach: als ik met de zelfontspanner foto’s van mezelf maak, dan zijn die vanzelf al onscherp. En zo niet? Dan retoucheer ik gewoon het grootste deel van mijn verworven misvormingen weg. Of ik maak er een softfocus plaatje van. Simpel en doeltreffend! En als ik achter mijn schrijftafel zit voel ik me meer dan prima. Ik heb dan naast mijn nieuwe laptop een iPad staan om mijn Facebook en Twitter tijdlijnen in de gaten te houden terwijl ik vrolijk en lustig op mijn toetsenbordje rammel. Wie riep er ook alweer dat mannen niet kunnen multitasken? Terwijl ik koffie aan het drinken ben, hoor, zie en ruik ik alles om me heen tot op tien meter afstand. Ik zit gewoon te typen en naar Coldplay te luisteren op radio 2. Tegelijkertijd waarschuw ik Sylvia Witteman via haar Twitteraccount dat ze het sterke water, waarin de enorme tumor van haar onlangs duur geopereerde tamme rat drijft, niet aan haar zwager moet geven, maar lekker zelf op moet drinken. Er zit tenslotte bijna 100 % alcohol in zo’n flesje. Ze antwoord me echter terug dat sterk water formaldehyde is en dat dit niet zo heel erg gezond voor je schijnt te zijn. Ach: dat is alcohol ook niet. Toch? Maar wel lekker! Althans: binnen proporties dan. Veel sterker dan 35% ga ik doorgaans niet. En ik kan daar op zijn tijd heerlijk van genieten. Maar dit terzijde.
     
    Het grote voordeel van ouder worden is dat ik stukken rustiger in mijn hoofd ben dan vroeger en daardoor meer kan waarnemen zonder daar knettergek van te worden. Mijn kinderen roepen regelmatig dat ik niet goed meer hoor. Of erger: dat ik dement begin te worden. Deze dementie is echter een zelfgekozen ruststand; een soort van door de jaren heen verworven rijkdom. Deze dementie is in mijn opinie dan ook geen ziekte of zo, eerder een toestand van volledige waarneming, maar je maakt je gewoon nergens meer druk over. Een soort van Zen zijn. Je negeert eenvoudigweg de storende elementen. En ik begin nu langzamerhand weer in een dergelijke staat te geraken. Heeeeeeeeeeeeeeeeeerlijk!
     
     
    Twitter: @gertdegoede

    Lees meer >> | 2083 keer bekeken

  • Opperdepop!

    19 juni 2012

     

    Haar leven loopt ten einde. Snif. Ze wordt almaar langzamer en piept en kraakt zó hard, dat ik er zo langzamerhand wanhopig van word. Tergend langzaam is ze. Of eerder nog dodelijk langzaam. Zelfs een lijkwagen gaat nog sneller vooruit! Doch ik moet toegeven: ze ziet er nog goed uit. Verrekte goed zelfs. Dat wel. Als nieuw nog eigenlijk. Doch schijn bedriegt.  Van binnen is ze op. Ten dode opgeschreven.

    Lees meer >> | 2009 keer bekeken

  • Ons mooie Nederlands

    13 juni 2012

     

    Net even heerlijk de tuin ingelopen en geconstateerd dat de plantjes voorlopig nog lang niet bewaterd hoeven te worden. Wél heb ik even de dode bloempjes van de geraniums en die van die andere bloempjes waarvan ik de naam niet weet, doch die wél leuk zijn, verwijderd. De fuchsia staat er ook nog mooi bij. En dit in weerwil van de hoosbuien welke ons geliefde land recentelijk teisteren. Mijn moeder noemde deze plant altijd  bellenboom of kortweg fuk. Het was haar lievelingsplant. Je kon hem zo makkelijk stekken. Fuk. Kun je tegenwoordig met goed fatsoen niet meer zeggen. Doch zij nog wel. Zij was van voor de “fuck” generatie. En was, ondanks dat ze door de Engelsen en Canadezen bevrijd was, de Engelse taal niet machtig. Dit in tegenstelling tot Annie MG Smidt die als een van de eersten wel al door had dat je met Engelstalige worden als: “fuk, fuk, fuchsia” grapjes kon maken. Zij wel.

    Lees meer >> | 2370 keer bekeken

  • Het had zo mooi kunnen zijn (kort verhaal)

    11 juni 2012

     Na een middagje kletsen met vrienden in  het plaatselijke café was ik de laatste van ons die nog aan de bar zat. Mijn verrukkelijke Westmalle Dubbel was nog halfvol. Vandaar. Aan de andere kant van de bar zat een leuke vrouw. Kort, blond koppie. Verzorgd. Leuk figuurtje. Mooie kleren aan. Beetje brutale uitstraling. Én: ze gaf me een vette knipoog. Ik lachte naar haar en hief mijn glas op. Proost zei ik. Op de gezondheid van de wereldbevolking. Ze lachte hardop. Een volle, gulle lach. Een mooi gebit. Normaal let ik daar niet zo op, maar nu dus wel. Een schitterende mond met tanden. Ze pakte haar tasje en maakte aanstalten om op te staan. Bevallig gleed ze van haar barkrukstond, stapte richting de uitgang en wilde vertrekken. Ze aarzelde even, draaide zich weer in mijn richting en liep gespeeld heupwiegend op me af. Ze stopte vlak voor me, streelde met haar vinger langs mijn wang, tilde mijn kin een weinig op en vroeg me: ken ik jou toevallig niet ergens van?

    Lees meer >> | 1573 keer bekeken

  • Marten Toonder 100 jaar!

    10 mei 2012

    Soms gebeuren er dingen waar je geen vat op hebt. Nare dingen, maar vooral ook fijne dingen. Zo kon het bijvoorbeeld gebeuren dat onze oudste dochter precies op de verjaardag van Marten Toonder geboren werd. Niets bijzonders zult u zeggen, dat overkomt wel meer mensen. Bij ons lag het echter éven anders. Wij waren namelijk al jaren fan van Marten Toonder en dan vooral van de door hem bedachte en getekende Heer van stand: "Olivier B. Bommel". En hadden daarom een Bommel stripboekje als geboortekaartje ontworpen. Ook had ik een geboortebord klaar staan waarop ik Olivier B. Bommel had geschilderd. En haar babykamertje was geheel in Bommelstijl uitgevoerd met Bommel sprei en Bommel gordijntjes. Als klap op de vuurpijl had ik ook nog een oude prent van Tom Poes en Olivier B. Bommel op de wand boven haar bedje geschilderd.

    Talloze malen hebben wij allen samen knus op de bank genesteld naar de film "Als u begrijpt wat ik bedoel" gekeken; een hilarische film over een door Bommel geadopteerd ei, dat uitkomt en een draakje blijkt te zijn dat als het boos wordt almaar maar groter en groter wordt. Ze noemen het draakje Zwelgje en beleven allerlei grappige avonturen tot dat Zwelgje echt niet meer te handhaven is en er op zoek moet worden gegaan naar de moeder van het lieve dier. Het slot is zo droevig dat we er regelmatig een traantje bij lieten.

    Door de jaren heen verzamelden we een echte “Ollie B. Bommelbeer” van het roemruchte merk STEIFF, een bronzen kopie van het standbeeld dat in Zaltbommel staat en diverse boeken van Marten Toonder over de avonturen van Tom Poes en Olivier B. Bommel. Leuk om haar mee te geven als ze later op zichzelf gaat wonen. Groot was dan ook mijn verbazing toen ik er enkele jaren geleden achter kwam dat 2 mei óók de geboortedag van de geestelijk vader van Olivier B. Bommel bleek te zijn! Dus moeder natuur had leuk met ons meegespeeld! En ons mooie en lieve wondertje precies op de verjaardag van Marten Toonder in onze armen geworpen! Destijds durfden we het kaartje niet aan Marten Toonder te sturen omdat we bang waren auteursrechten te moeten betalen. Hadden we het maar wel gedaan. De oude heer had het vast geweldig gevonden. En nu kan het helaas niet meer. Hij is op 27 juli 2005 overleden.

    Afgelopen week werd onze lieve grote dochter zestien. En nu bleek dus dat het dit jaar, in 2012, precies honderd jaar geleden was dat Marten Toonder geboren is! Een goede "internet" vriendin van me, de geweldige kunstenares Erlinde Ufkes Stefanus werd trouwens Vijftig op deze zelfde 2 mei 2012! Dat kan geen toeval zijn! Voor haar website met kleurrijke, vrolijke schilderijen en objecten verwijs ik u naar: www.demeerlandsekoe.nl Ook dat kan geen toeval zijn! .

    *** Voor onze andere kinderen hebben we naderhand ook originele geboortekaartjes ontworpen hoor! Weest niet bevreesd! Voor onze middelste hebben mijn lief en ik een Suske en Wiske album gemaakt. "Het wonder op Wilack"genaamd. En bij onze laatste durfde ik het aan om zelf een soort van figuurtje te bedenken en daarmee een boekje te maken. Het werd "Bijtje Boudewijn". Al deze geboorte "boekjes" zijn trouwens gerealiseerd door onze geweldige vriend Geert Heikoop. Hij zorgde ervoor dat alles digitaal tot in de puntjes uitgewerkt en uitgevoerd werd! (Geert Heikoop is tegenwoordig eigenaar van reclamebureau www.applepie.nl en mede eigenaar van www.deideeenfabriek.nl Kijk eens op deze websites naar wat een schitterende dingen hij realiseert en laat realiseren)

     

    Lees meer >> | 1716 keer bekeken

  • Lamskoteletjes

    10 mei 2012

    De meivakantie is begonnen. Heerlijk! Maar niet heus. Toen ik gisteravond om kwart over elf van het koor thuis kwam zaten alle drie de kinderen nog beneden te spelen, te gamen en tv te kijken. Dus nu zijn ze moe. Én strontvervelend. En vechten elkaar de tent uit. De oudste wil MTV kijken. De jongste BOBO en de middelste weer iets anders. Gek wordt je er van! En dan moet ik tussendoor ook nog even een lading boodschappen doen voor vanavond. Want mijn lief is jarig. En die heeft een gezellig etentje georganiseerd voor twaalf personen. Maar ze moet vandaag vanzelfsprekend wél werken. Het is namelijk nogal een gekkenhuis op haar werk. Vergaderingen, mails wegwerken, besprekingen, meetingcalls met de Verenigde staten. Enzovoort, enzovoort. Ik benijd haar niet momenteel. Gelukkig heeft ze morgen vrij. Kan ze mooi een beetje bijkomen.

    Zo meteen eerst maar even boodschappen doen. Dan doe ik de voorbereidingen voor vanavond vanmiddag wel. Die voorbereidingen lijken me mee te vallen: tuinbonen koken en dubbel doppen, asperges schillen en voorbewerken, De krieltjes voorbewerken. De worteltjes schrappen. De lamskoteletten marineren enz. enz. En nog wat meer. Er ligt een hele lijst klaar. Daarna nog even de tafel dekken voor twaalf man. Ik weet niet eens of we wel zoveel gelijke borden en bestek hebben. Ach: ik improviseer wel wat. En niet te vergeten moet ik tussendoor ook nog even mijn wekelijkse column bedenken én tikken.

    Ik heb zo het idee dat dit best wel eens een wordt redelijk heftig dagje zou kunnen gaan worden. By the way: ik heb ook nog aan de twee jongens beloofd om vandaag met ze naar de Mac Donalds te gaan. Plus voor hen beiden een écht schietend speelgoedpistool met schuimrubberen pijltjes te gaan kopen. Dat kan er ook nog wel bij. Ik ben blij dat ik gisteren reeds wat boodschappen, de wijnen en een lekkere fles Jameson Irish whiskey voor na het eten heb gehaald. Dat scheelt alvast weer een beetje stress.

    Dus zojuist even de middelste uit de kamer geplukt en meegenomen naar de supermarkt. Daar heb ik als een "Razende Roeland" mijn lijstjes afgewerkt en snel ingeladen. Razende Roeland: lekker ouderwetse uitdrukking! Bij het afrekenen viel het gelukkig mee. Ongeveer vijfentwintig euro. Ik had erger verwacht. Daarna naar de slager. "Goedemorgen Frans!" Want zo heet onze slager. Ik kom de bestelde dertig lamskoteletjes ophalen! Hoi Gert! Ik zal ze even voor je pakken. Hij komt aangelopen met drie enorme bakken vlees. Betere kun je in Nederland niet vinden zegt hij. Versere ook niet! Heerlijke biologische lammetjes die vrij in de wei hebben kunnen dartelen. Ik visualiseer een lief en vrolijk lammetje en denk bij mezelf dat een lammetje toch niet écht veel heeft kunnen dartelen in zo'n kort leven. Maar Frans gaat enthousiast verder: Nieuw-Zeelandse zijn natuurlijk ook niet verkeerd, maar die liggen maanden ingevroren op schepen voordat ze hier zijn. En zijn dus nooit écht vers. En dat proef je hè? Deze koteletjes smelten op je tong. Dat garandeer ik je! Hij legt de koteletjes op de weegschaal. En stelt de prijs in. Honderd-acht-en-tachtig euro en vijfenzeventig eurocent!!!!! En ik hou niet eens van rood vlees!!!! Ik lijk ter plekke een hartaanval te krijgen. Alle kleur verdwijnt uit mijn gezicht en ik krijg het benauwd. Maar ik herstel snel en zeg: wat zijn ze groot. Als ik ze in een restaurant zie zijn ze hooguit de helft zo groot! Gelukkig begrijpt Frans de situatie en zegt: maar als het teveel is, mag je ook gerust de helft nemen hoor! Gelukkig! Mijn bloeddruk zakt weer enigszins. Frans halveert fluitend de lamskoteletjes en hakt mijn helft keurig in hapklare stukken. Opnieuw volg een weeg- en prijsronde. Negenenzeventig euro en vierenzeventig cent. Anders nog iets? Nee dank je; dit is het wel voor vandaag. Met een opgeheven gezicht bedank ik Frans voor de extra moeite. Onze middelste krijgt een plakje worst. Ik pin het bedrag en neem afscheid. Snel naar huis met deze goudschat. Vlug in de koeling ermee voor het bederft.

    Nu zit ik met een kopje koffie achter mijn PC. Ik tril nog een beetje na van de opwinding over de karbonaadjes. Straks nog even naar de Mac en de speelgoedwinkel. En daarna nog even naar de visboer voor verse "op de huid gesneden" zalm. Ik denk dat ik vandaag failliet ga. Sterker: ik ben het geloof ik al. Gelukkig zijn de kinderen nu stil. Te stil. Ze zullen elkaar toch niets aangedaan hebben? Snel naar de kamer! En ik denk dat ik alvast een flinke slok Jameson ga nemen. Anders kom ik deze dag nooit door!

    Lees meer >> | 1612 keer bekeken

  • Dichtgeslibde leidingen

    10 mei 2012

    Onze CV ketel was na ongeveer elf jaar trouwe dienst, hoognodig aan wat onderhoud toe. Hij was moe gestreden leek wel. Hij zuchtte en steunde, rochelde en piepte. We werden ‘s nachts regelmatig wakker door het geknerp van, voor wat wij dachten, de waterpomp. Tot vorig jaar hadden we, nadat de firma die onze ketel geplaatst had failliet was gegaan, als onderhoudsman een beunhaas gehad. We waren deze man via via op het spoor gekomen. Het was een man die in het dagelijks leven gewoon netjes bij een installatiebedrijf werkte, maar er daarnaast nog het een en ander bij verdiende. Meneer presteerde het zelfs om met de auto van zijn baas voor de deur te parkeren. Soms zelfs gewoon onder werktijd. In het begin had hij volledig naar tevredenheid gewerkt. Zo had hij bijvoorbeeld alle radiatorknoppen vervangen door thermostaatknoppen. Hij was ons aanbevolen door mensen waar we destijds goed mee door één deur konden. Maar die vriendschap is in de tussentijd ietwat bekoeld. Maar dat lag niet aan onze verwarmingsmonteur. U kent het wel: op het schoolplein ontmoet je mensen, het klikt, je gaat een tijdje gezellig met elkaar om, maar op een gegeven moment is het gewoon weer voorbij. Zulke dingen gebeuren. Punt, voorbij, over.

    Maar goed: ik was aan het vertellen over onze hart- en andere lichaamsdelen verwarmende CV ketel! Begin vorig jaar zou de onderhoudsman zijn jaarlijkse controle en onderhoudswerk moeten doen, maar hoe ik ook probeerde de "goede" man te bereiken, het mocht niet baten. Meneer nam zijn telefoon niet meer op. Oké! Goed. Kan gebeuren. We proberen het over een week of wat nog wel een keer. Misschien is hij op vakantie. Maar zoiets “vergeet je” zoals u begrijpt. Het werd voorjaar. En dat gleed over in de zomer. Dus dachten we er niet meer aan. Tót afgelopen winter, drie dagen voor Kerst. De ketel begaf het. Jawel! Juist terwijl het ontzettend koud was. Daar waren we dus in het geheel niet blij mee. Wéér probeerden we de onderhoudsman te bereiken. Doch wederom kregen we geen soelaas. Wanhopig zaten we met het hele gezin in de keuken, met de deur van de hoogopgestookte oven open, om warm te blijven. In de keuken was het dus lekker warm. En best gezellig en knus. Maar in de rest van het huis niet. Daar stonden al snel de ijsbloemen op de ruiten. Het idee om met de kerst in kou te zitten sprak ons vanzelfsprekend niet erg aan, zodat ik snel wat bedrijven ging “Googelen” en bellen. We kregen echter overal nul op ons rekest. Het was om wanhopig te worden. Niemand wilde helpen of zelfs maar langs komen. Uiteindelijk was er slechts één bedrijf in heel Brabant dat ons wel wilde helpen: Het aan Nuon gelïeerde “Feenstra Warmte Totaal Zorg“! Ze waren bereid langs te komen, en dat terwijl we klant van Eneco zijn! Als we beloofden direct een onderhoudscontract af te sluiten zou er de volgende morgen reeds; de zaterdag voor Kerst, een monteur op de stoep staan. "Pfoe!" We slaakten een zucht van opluchting.

    Die bewuste zaterdagmiddag stond er, zoals beloofd een vriendelijke, jonge verwarmingsmonteur op de stoep. Hij zag al snel wat er aan de hand was. Achterstallig onderhoud! En niet zo'n beetje ook! Hij liet zien wat voor een enorme troep in de afvoerpijpen zat, maakte de boel schoon, controleerde het één en ander, verving tussen neus en lippen door óók nog even het kapotte drukvat, en jawel: het vernuftige apparaat werkte weer. Het apparaat zou nog wel wat lawaai blijven maken, maar voorlopig waren we gered. Een pak van ons hart! Ik bedankte de jonge man, gaf hem een lekkere fles prosecco en wenste hem en zijn geliefde een heerlijk Kerstfeest.

    Vorige week stond er een andere monteur voor de deur. Voor het jaarlijkse onderhoud. Een vriendelijke, enigszins gezette man, die zo te ruiken zojuist nog een welverdiend sigaretje had gerookt in de auto. Ik ging hem de twee trappen voor naar zolder en hoorde hem achter me reeds zwaar ademen. Deze meneer had overduidelijk niet zo'n goede conditie als zijn collega. Maar goed: dat zegt niets over zijn kwaliteiten als CV monteur. Hij zette zijn tassen neer, maakte de ketel open en schroefde de afdekplaat weg. Hierna opende hij de bovenklep. Hij schudde het hoofd. En schudde zijn hoofd nogmaals, alsof hij zichzelf wilde overtuigen van de immense onverzorgde ellende welke daar voor zijn ogen aanwezig was. Het rooster daaronder bleek namelijk geheel en al dicht gekoekt te zitten met een as. De goede man zuchtte en steunde net zoals de ketel de afgelopen maanden steeds had gedaan. Echter: het rooster van de ketel was na flink wat blazen en kloppen weer in redelijk schone staat. De longen van de monteur blijkbaar niet: die hoorde je, door al dat blazen, flink piepen. Ik durfde niet te kijken. Ik stond namelijk achter hem en zag een enorm deel van zijn bilspleet naar buiten puilen. Hij leek almaar benauwder te worden, dus ik durfde ook niet weg te lopen. Stel je voor dat hij een hartinfarct zou krijgen! Aan zijn gehijg te horen was daar namelijk een reële kans op. Wat de zaak nog verergerde: deze heer was niet alleen benauwd: hij was ook danig ontstemd. En dat vergrootte de kans op een hartinfarct vanzelfsprekend aanzienlijk. En zijn boosheid was terecht: de ketel bleek in al die jaren zeer slecht onderhouden. De afvallige beunhaas had er duidelijk al jaren een potje van gemaakt. De echte monteur maakte nog het één en ander open, zuchtte nog een keer en vertelde dat hij dit nog nooit eerder had meegemaakt. Alle afvoerleidingen waren dichtgeslibd met rommel. Net zoals zijn eigen aders waarschijnlijk. Hier had hij vandaag geen zin meer in. Dit was hem teveel voor nu. Hij was moe. Hij sloot het een en ander weer aan en klapte zijn gereedschapskoffer dicht. Even was ik bang dat hij in het geheel niet meer terug zou komen. Hij was zo boos! Énorm boos! Echter gelukkig deelde hij me, na telefonisch overleg met zijn collega, mee dat hij komende dinsdag terug zou komen. Mét nieuwe onderdelen. Een nieuwe waterpomp, een verse gloeiplug of iets dergelijks en nog één of ander onderdeel. Oh ja: een ioniseerpen. (science fiction?) Dat zou vast en zeker een flinke duit gaan kosten!

    Dinsdagmorgen maakte ik de ruimte rondom de ketel ruim vrij. En zette een stoel voor de CV-dokter klaar. Óók draaide ik er voor alle zekerheid een zwaardere, fellere lamp in het armatuur aan het plafond. Mocht meneer de monteur tóch terug komen dan moest ik hem een beetje verwennen nietwaar? En tot mijn grote vreugde keerde hij weder. Hij mopperde nog wel enigszins, maar leek een stuk fitter. Én vriendelijker. Verklaarde dat hij mij zelfs verdedigd had bij zijn chef. Die had namelijk voorgesteld dat ze mij als klant beter konden schrappen. Omdat mijn ketel zo slecht onderhouden was. Maar mijn monteur had gezegd: ik kan die mensen toch niet in de kou laten staan? Waarop de chef had geopperd: smeer ze dan maar een nieuwe ketel aan! Maar deze CV specialist echter heeft het hart op de goede plaats zitten. Hij kwam voor me op! En heeft me geholpen. Hij klaarde de klus zelfs redelijk snel. Binnen een uurtje! Gelukkig maar: ik had door de afgelopen week gesproken woorden van deze techneut aangenomen dat hij er wel enkele uren bezig mee zou gaan zijn. Het leek me een complexe operatie te gaan worden en ik vreesde voor het leven van onze hooglijk gewaardeerde CV ketel. Maar het tegendeel bleek waar. Het was mijns inziens zelfs een betrekkelijk eenvoudige ingreep, anders zou hij niet zo snel klaar zijn geweest. Toch? En nu was het gereed. En na het laten tekenen van het (rib uit mijn lijf) éénmalige incassoformulier á raison van €360,26 is de CV specialist met een ferme handdruk vertrokken. Tot mijn grote vreugde hijgde hij dit maal niet zo angstaanjagend als vorige week. En de ketel ook niet. Althans, nu niet meer. Gelukkig klinkt die weer gezond. Volgens de monteur kan hij nu nog zeker zo'n vier jaar mee. Echter daarna moeten we toch écht uit gaan zien naar een nieuw exemplaar. Shit! Daar ben ik dus niet zo blij mee. Maar voorlopig doet hij het weer. En dat is het belangrijkste. Laat nu de zomer maar komen.

    Conclusio Centralo Verwarmingus: een Beun de Haas is als gatenkaas! Het lijkt heel wat aan de buitenkant, maar van binnen zitten er veel gaten in. En dus zijn beunhazen klaarblijkelijk nog steeds niet te vertrouwen. Bezint dus eer ge begint. Een gebroken been laat je per slot van rekening ook niet bij de melkboer repareren. (Alhoewel mijn Beun de Haas wel degelijk een geschoolde kracht was geweest, zij het een ultra lui exemplaar) Meer van dat soort wijsheden die een normaal mens gewoonlijk in de wind slaat zal ik u besparen. Ik wens u veel warmte toe. En dan niet alleen door de CV ketel geproduceerde warmte, maar diep menselijke warmte!

    Lees meer >> | 2220 keer bekeken

  • Met de bus.

    3 april 2012

    Het is een heerlijke zonnige dinsdagochtend. Ik hobbel zachtjes in een van binnen vrolijk gekleurde bus van busonderneming Arriva. Hotseflots. Zweef. Hobbel, bobbel. Het voelt een beetje als paardrijden. Doch in plaats van je aan te passen aan een edel rijdier als het paard, richt je jezelf naar het rijgedrag van de dienstdoende chauffeur. Gelukkig hebben we nu geen gestreste coureur, maar een relaxte voerman. Alhoewel hij zojuist lichtelijk geërgerd gromde nadat hij een rotonde ietwat te krap genomen had. Kan ik me ook wel wat bij voorstellen. De rotondes hier in Brabant zijn, waarschijnlijk uit veiligheidsoogpunt, veel te krap voor vrachtauto's en bussen. Ik heb er zelf al vaak moeite mee om met mijn Volvo 245 zonder gehobbel en -gebobbel overheen te komen. Echter dat ligt wellicht aan mijn eigen rijstijl. Ik ben een galante rijder, en geef iedereen zo veel mogelijk voorrang, maar verder rijd ik vrij lomp. Maar dit terzijde. Vandaag staat de auto in zijn parkeervak. Nu zit ik in de bus. En laat me rijden.

    Lees meer >> | 1778 keer bekeken

  • Ut Engelke

    30 maart 2012

    Waarschijnlijk gaat er bij vele Nederlanders slechts een klein belletje rinkelen als ik over "Ut Engelke" begin. En dan vooral bij de medelanders van boven de rivieren. Ik hoor de hersens al kraken. Ut Engelke? Tja. Staat die niet ergens op een kerk? Misschien in Den Bosch op de Sint Jan? Inderdaad. Op wellicht de mooiste kerk van Nederland staat sinds 2 april 2011 de leukste engel ter wereld. Ontsproten aan het originele brein én de vaardige handen van beeldhouwer Ton Mooy staat deze wonderschone engel paraat om al uw zieleroerselen en zonden door te geven aan haar collega's in het hiernamaals.

    Lees meer >> | 1828 keer bekeken

  • Je ne suis pas un Rock Star

    20 maart 2012

    Het is zover: ik ben sinds kort bij een popkoor! Al sinds mijn prille jeugd zing ik graag. Vroeger met mijn broertjes en zusje tijdens het afwassen. Het repertoire bestond dan meestal uit Top 40 nummers, Gospels en Johnny Jordaan imitaties. (Onze moeder kwam oorspronkelijk uit Amsterdam, vandaar.) Dikke pret dus. Later in mijn pubertijd en vroege volwassenheid zong ik slechts eenzaam binnen de veilige muren van mijn kamertje met mijn lievelingsplaten mee. Ik was destijds nogal verlegen. Vandaar. Toen ik echter wat ouder werd, en mijn geliefde mevrouw de Goede tegengekomen was, werd ik weer wat zekerder van mezelf. En dus begon ik ook weer in het openbaar te zingen. Jawel: met publiek! Er bestonden weliswaar nog geen Idols en de Voice of Holland. Maar er waren wel feestjes, partijtjes en vakanties waar ik spontaan begon te zingen zodra de band was gestopt. Altijd werd hier enthousiast op gereageerd. Vooral wanneer ik mijn Heino parodie inzette. Zeker mijn: "Hoch auf dem gelben wagen scheiss ich mein schwager voll, Tjing boem!" Kon rekenen op veel bijval en een daverend applaus.

    Lees meer >> | 2086 keer bekeken

  • Meer blogs >>